ruimtevaarders in de liefde

Soms wou ik dat de aarde plat was. Dat de zwaartekracht wat makkelijker losliet. Eenmaal op aarde kom je er niet van af zonder definitief afscheid. We hebben geen tweede planeet zoals deze, wel een heel stelsel met zon, maan en sterrengruis. Er is zelfs een Rode Dwergplaneet, maar een andere aardbol is nog niet ontdekt. 

En dit doet me denken aan de liefde. Met het fenomeen vaste partner – een pleonasme van jewelste want een losse partner is geen, tja, want wat is het kenmerk van een partner? Dat je eraan vastzit. Je kunt niet de partner zijn van iemand die jouw partner niet is. Dat is raar. Want de meeste mensen hebben geen partner achter de hand ‘voor het geval dat’.

Volgens mij brengt het denken in vaste partners een verstarring van het volledige potentieel dat liefde is. Of, zou kunnen zijn. Hokjes, in plaats van. Zit je al met de één in een hok, kan daar geen ander meer bij, alleen nog ervoor in de plaats. En daarom loopt het spaak, dat halsstarrige partnerdenken, want als de plek eenmaal bezet, is die voor altijd bezet. De vaste partner blijft op planeet Aarde waar hij eens is geland. Uit angst dat een andere planeet hem zal verschroeien of laat zweven blijft de bange partner liever met de voetjes aan de grond gebonden. 

De liefde heeft meer astronauten nodig.

Gepubliceerd door Poetry Affairs

Poetry Affairs is mijn poëtische speelplaats.

Ontdek meer van Poetry Affairs

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder